GALLERIA_io

Onze laatste blogs



Een lada, de berg en een hond

In de vallei van Getap wordt de rust bruut verstoord door het alarmerende geluid van de wekker. Slaperig kijk ik op het display en zie de cijfers 05.30, bizar vroeg als je het mij vraagt. Langzaam dringt het tot me door waarom we tot dit tijdstip hebben besloten. Voor me ligt een gigantische berg gretig te wachten om mijn spieren te testen. Warmte is een grote motivatie voor dit belachelijke tijdstip en wonder boven wonder staan we een uurtje later ingepakt, met kippenvel op de benen, onze tanden te poetsen. 

Rokende Lada’s en verbrand rubber

Ik maak de eerste kilometers. De beat van Paul kalkbenner dreunt in stevig up tempo in mijn oren. Hij wel ik niet. Met 4,8 km per uur kan je toch niet echt spreken van up-fiets-tempo. Het natuurschoon trekt langzaam aan me voorbij. De goudgele kleuren van het opgestapelde hooi glinsteren in de eerste zonnestralen, vrolijk begeleid door paarse vlinders. Het zachte briesje van de wind blaast verkoelend door de vallei en geeft me goede moed dat het kwik vandaag niet boven de 40 graden komt. Na een paar kilometer verschijnt de eerste Lada de bocht om, gevolgd door een inktzwarte rookwolk en de geur van verbrand rubber. De man achter het stuur zwaait enthousiast en lacht zijn tanden bloot. Gouden tanden glinsteren in de zon en weerkaatsen in het raam van de roestige Lada. Achterin liggen meloenen hoog opgestapeld en rollen nog net niet in de nek van de bestuurder. Bij de volgende bocht staat een Lada-station waarvan de motorklep geopend is. Walmen witte rook komen dampend uit de radiator. Met een gieter probeert de man te redden wat er te redden valt. Klimmend voel ik de eerste zweetdruppel over mijn gezicht naar beneden glijden. Ik voel letterlijk en figuurlijk nattigheid kijkend van de kokende Lada naar de 2430 meter hoge berg met een eindeloos aantal haarspeldbochten.

Mijn nieuwe vriend

Volledig in swing met het ronddraaien van de trappers zie ik in mijn ooghoeken nog net een stukje vacht van een zwerfhond die er alle moeite aan doet om een hapje van mijn kuit te nemen. Ik zei nog, daar zit niet veel vlees aan hoor. Je kan het beter hogerop zoeken, bij de billen of zo. Ik zeg je, dat was tegen dovemansoren. Springend, kwispelend en bijtend rent hij achter me aan alsof zijn leven ervan af hangt. Ik denk, de mijne ook! En raap ietwat angstig wat steentjes van de weg. Happend en blaffend probeert hij het nieuwe spelletje te begrijpen, zucht. Ok dan, ik sta open voor een eventuele vriendschap omdat je zo’n vrolijke kop trekt. Maar let wel; happen is verboden ! Blijkbaar begrijpt hij de regels nog niet helemaal die ik hem toch een beetje bij moet brengen met wat steentjes. Mijn nieuwe vriend leert snel en maakt ruimte voor wederzijds begrip. 

Iran in de bocht

Bij bocht nummer 13 scheurt een oude gammele bus met een noodgang de bocht om. Het dak volgestapeld met 6 gasflessen. Het is import gas uit Rusland waar Armenië gretig aftrek van neemt. Alles wat een beetje oud is rijdt erop en vult het gas weer aan bij de grote indrukwekkende gasstations. Wij kijken er nieuwsgierig en argwanend naar met betrekking tot de veiligheidsregels. Onmogelijk dat dit gasstation in Nederland zou staan. Nog steeds ploeter ik me beetje bij beetje naar boven. Het valt op dat Armeense nummerborden zich ineens afwisselen met Iranese kentekens. Ook hier gaat enthousiast de duim omhoog wanneer ze me voorbij gaan. Fietsend in korte broek vraag ik me af wat ze denken? 1. He jij lekker wijf of 2. Iets in de trant van jij vreselijk onzedig monster zonder hoofddoek en been bedekking? Wanneer we bij de eerste benzinepomp vele Iranese mannen zien genieten van een biertje ga ik voor gedachte nummer 1. Ver weg onder het toeziend oog van het regime vandaan zal het vast heerlijk smaken. De grootste truck heeft het duidelijk niet gehaald, dampend staat hij langs de kant van de weg. Ver weg vanuit die ene hersencel die nog niet gevuld is met de gedachten dat 14,5% stijgen echt fucking zwaar is, ploppen de Farsi woorden die de mensen van de ambassade me hebben geleerd weer omhoog. Salom roep ik uit volle borst. Het antwoord is uitnodigend, lachende gezichten en een gebaar om te komen eten. Met nog 33 bochten te gaan sla ik die even over.

Het einde in zicht

Het frisse briesje van de wind is omgeslagen in harde rukwinden met storm. Vriend wordt duidelijk vijand. Met hevige windstoten blaast hij me zowat van de fiets. Ternauwernood kan ik mijn stuur in bedwang houden om niet van links naar rechts te slingeren. Bocht 1 is tegen, bocht 2 is mee. Paul Kalkbenner ondersteunt mijn moraal, keep-on-going-high ;-) ! Rechts van me loopt mijn nieuwe vriend. Ik ploeter al 2 ½ uur de berg op en hij laat me geen moment in de steek, de bikkel. In de verte zie ik een soort van monument wat ernaar uitziet dat het hoogste punt bijna bereikt is. Een glimlach verschijnt om mijn mond. Het vooruitzicht van er bijna zijn geeft ruimte om mijn focus van het asfalt te verleggen naar het landschap om me heen. Het is echt adembenemend mooi. Op de top staat Youri me stralend op te wachten. De beloning is zoet door de verse vijgen die het oude mannetje verkoopt, liefdevol door de stralende lach van Youri en goddelijk omdat ik er ben. Yes I did it again :-).

Met stramme benen stap ik van mijn fiets en pak het brood uit de tas. Ik besluit voor eens en voor altijd een hondenvriend te worden. Grote woorden voor iemand die altijd doodsbang was voor al dat springend geweld met grote tanden.

Lang leve de Lada, de berg en mijn nieuwe vriend.

Liefs Isa,

uit Goris, Armenie